• Volksinstrumentenmuseum
  • Geuzestekerij De Cam
  • Natuureducatief Centrum Paddenbroek
  • Kesterheide
  • Kasteel van Saffelberg
  • Kasteel van Heetvelde
  • Het Van Reepinghenhuisje
  • De Oude Cam
  • De Nieuwe Cam
  • De Drie Egypten
  • De Terhaegenmolen
  • Oude Plaats Oetingen
  • Oude Tramstatie Leerbeek
  • Hof Ter Molleken
  • De Woestijnkapel
  • De Stevenistenkapel

Het volksinstrumentenmuseum 

Ben je gefascineerd door het ontstaan en de werkwijze van (oude) volksmuziekinstrumenten zoals een hommel, draailier of klompviool? Dan is een bezoekje aan het Volksinstrumentenmuseum in Gooik zeker de moeite waard.

Waardevolle instrumenten, prenten en archiefstukken geven al hun geheimen prijs in het Volksinstrumentenmuseum: een verzameling die door Herman Dewit en Rosita Tahon na jarenlang veldwerk werd samengesteld en dankzij het gemeentebestuur van Gooik een plaatsje heeft gevonden in gemeenschapscentrum De Cam, boven het volkscafé.

Het Volksinstrumentenmuseum is individueel te bezoeken, maar we raden je ten zeerste een groepsrondleiding aan. Zo'n rondleiding wordt verzorgd door opgeleide animatoren. Dat zijn gemotiveerde muzikanten die een uitgebreide demonstratie geven van de instrumenten die in het museum te bekijken zijn.

Waar: Gemeenschapscentrum De Cam, Dorpsstraat 67, 1755 Gooik

Wanneer: Elke dag (behalve maandag en dinsdag) van 10 tot 18u of op afspraak.

Prijs: Individueel bezoek is gratis. Een geanimeerde rondleiding voor groepen (max. 30 personen) kost € 50 per uur.  Scholen en onderwijsinstellingen krijgen een korting van € 10. 

Meer informatie


Geuzestekerij De Cam 

Lambiek is de moeder aller bieren, een eeuwenoude traditie van brouwkunst en spontane gisting, uniek in de wereld. De geuzesteker voert het verse brouwsel uit vier verschillende brouwerijen aan.

Het wort rijpt in 150 jaar oude tonnen van 1000 liter uit Tsjechië. Geuzesteker Karel Goddeau zal lambiek van 1, 3 en 5 jaar “steken” of mengen en bottelen. Door een spontane hergisting op de fles van minstens 1 jaar wordt de “oude geuze” verkregen.

Dit is het duurste bier (3 jaar) om te brouwen, maar met zoveel complexe smaken en een zalige afdronk met lichte eiktoets : wereldklasse.

Door het toevoegen van Schaarbeekse krieken aan lambiek verkrijgen we de edele oude kriek. Oude geuze en oude kriek zijn een geografisch beschermde benaming.

 

Waar: Gemeenschapscentrum De Cam, Dorpsstraat 67, 1755 Gooik.

Te bezoeken op afspraak: 0476/81 68 06 - kriekdecam@gmail.com.

Meer informatie


Natuur Educatief Centrum Paddenbroek 

Aan de voet van de Kesterheide in Gooik, langs de oude trambedding, ligt de hoeve van De Paddenbroek met een hoogstamboomgaard van een 200-tal bomen, een poel, een ecologische moestuin, een bakoven en een bijenhal.

Op deze prachtige locatie wordt al enkele jaren stevig getimmerd aan een Educatief Centrum voor het hele Pajottenland waar platteland- en natuurontwikkeling hand in hand gaan. In het educatief centrum wordt de klemtoon gelegd tussen natuur en landbouw want het Pajots landschap is voor een groot stuk landbouwnatuur waarin we fruitbomen, hagen en vele kleine landschapselementen terugvinden.

De Paddenbroek (Paddenbroekstraat 12, Gooik) ligt te midden van een landbouwgebied en tevens aan de poort van het Pajottenland.

Meer informatie


Kesterheide 

De Kesterheide is een getuigeheuvel en één der oudste woonsites in het Pajottenland. Met zijn 111,86 meter is deze heuvel het hoogste punt van Zuid-West-Brabant.

Vanaf de afgevlakte top van deze heuvel heb je een prachtig uitzicht op de omgeving en kan je bij helder weer, naast de silhouetten van appartementsgebouwen, ook de koepel zien van de basiliek van Koekelberg en de bollen van het Atomium.                         

 

 

 

Bij een rondwandeling op de top van de Kesterheide tref je een aantal monumenten aan wiens inplanting min of meer met de heuvelsite verbonden is.

  • Het Calvariekruis. 
    Het calvariekruis is een gietijzeren kruis met aan de voet ervan een openluchtkruisweg uit 1929 bestaande uit zeven monolieten (uit één stuk steen) met kruiswegtaferelen aan weerszijden.

    Het kruis werd ingezegend op 5 mei 1901 om de 20e eeuw aan Christus toe te wijden. Tot bij aanvang van de Eerste Wereldoorlog werd hier jaarlijks, ter gelegenheid van “Kermis Heide”, op de eerste zondag van mei, deze zegening herdacht. 
  • PERVIVO
    Op 13 maart 1999 werd door de vereniging B.O.K.S. (Belgische Oudervereniging van Kinderen met een Stofwisselingsziekte) in aanwezigheid van Z.K.H. Prins Laurent, op de top van de Kesterheide in de omgeving van het Calvariekruis, een park ingehuldigd, Pervivo.

    Tot op heden werden hier een 40-tal eiken geplant die elk symbool staan voor een kindje dat gestorven is aan een zeldzame stofwisselingsziekte. Voor elke eik staat een plaatje dat de naam draagt van dat kindje met de geboorte- en overlijdensdata en de naam van het ziektebeeld waaraan het gestorven is. 
  • De IJzeren Man
    “Geodesie” is de wetenschap die zich bezighoudt met het bepalen van de grootte en de vorm van bepaalde delen van het aardoppervlak. Op de Kesterheide staat zo’n geodetisch punt, dat in de volksmond de ‘Ijzeren Man’ genoemd wordt.

    Van deze plaats werd omstreeks 1850 het Belgisch grondgebied in kaart gebracht, m.a.w.:  de precieze sterrenkundige positie (lengte- en breedteligging) alsook de exacte hoogte boven de zeespiegel. Dit punt werd daarna als basis gebruikt voor het opmaken van topografische kaarten. 
  • Radartoren en "witte bol"
    De radartoren vormt een belangrijke schakel in de satellietcommunicaties van de NAVO. De mast staat in verbinding met de ‘Witte Ballon’ even verderop.
    Onder de witte koepel zit een reusachtige schotelantenne met bijbehorende installatie, de intercontinentale strikt geheime communicatie-infrastructuur van de NAVO.

    De bestaande gebouwen en "witte bol" werden in 2014 afgebroken en zullen vervangen worden door een groter complex met vier nieuwe schotelantennes.

     

Kasteel Van Saffelberg 

Het kasteel van Saffelberg, ook wel kasteel van Oplombeek genoemd, is een gebouw in neobarokstijl. Het kasteel werd voor het eerst vermeld in het begin van de 18de eeuw en werd toen bewoond door de familie Wouters. Op 17 januari 1843 werd erfgenaam Karel-Jozef Wouters door koning Leopold I tot burgemeester van Gooik benoemd, een ambt die hij gedurende 35 jaar zou waarmaken.

In 1906 ging het kasteel testamentair over naar baron Filips van Oldeneel tot Oldenzeel. Hij brak het kasteel af en trok er de huidige gebouwen in Franse renaissancestijl op. Het kasteel werd lange tijd bewoond door baron Etienne van oldeneel tot Oldenzeel en zijn zuster, barones Marie.

Sedert 2006 is Saffelberg Investments gehuisvest in het kasteel.

Meer informatie


Kasteel Van Heetvelde 

Het kasteel van Heetvelde, in de volksmond  “Het Waterkasteel” genoemd, is een oude waterburcht die past als schakel in de verdedigingsgordel van versterkte kastelen die werden opgebouwd door de graven van Henegouwen. De oudste delen van het kasteel, de funderingen en laagste bouwlagen dateren uit circa 1600. Het huidige complex, opgetrokken in Brabantse renaissancestijl, werd gebouwd in opdracht van Pieter Collins, heer van Heetvelde. 

Het kasteel bestaat uit een vierkante donjon (woontoren), een ronde toren, een kapel en een ronde verdedigingstoren aan de westkant. De schietgaten duiden op de verdedigingsbestemming die het kasteel vroeger moet gehad hebben. Het omliggend landschap beslaat ongeveer drie hectaren oppervlakte.

Het kasteel en zijn dichte omgeving werd in 1969 als monument en landschap geklasseerd. De familie Claeys-Bouaert uit Gent liet het kasteel restaureren.

Dit kasteel (Heerbaan 83, Oetingen) is privé-eigendom en is niet te bezichtigen.


Het Van Reepinghenhuisje 

Het Van Reepinghenhuisje (Goteringenstraat 31, Kester) is een lemen huisje genoemd naar de laatste bewoner die het verliet omstreeks 1975. Het is zowat het enige huisje uit lang vervlogen tijden dat hier nog te vinden is. Het staat in zijn oorspronkelijke omgeving, met originele beplanting er omheen. Het is een langgerekt vakbouwhuis uit 1977. Vakwerkbouw is een bouwwijze waarbij een geraamte van balken en stijlen wordt opgevuld met metselwerk en bestreken met leem.  Het dak van het huisje is in stro met onderaan een strook dakpannen.


Binnenin is de indeling zoals altijd in dergelijke kleine boerderijtjes: inkom met bergruimte,woonplaats met open haard, 2 kleine slaapruimten, klein plaatsje voor het keukengerei, en de schuur voor het vee. Deze laatste zit onder hetzelfde dak ingebouwd. 


Het Van Reepinghenhuisje was ingericht als een landbouwkundig heemmuseum maar werd nadien verkocht en is nu in privé-bezit en niet te bezichtigen.

 


De Oude Cam 

Baron Lancelot de Gottignies liet hier dit woonhuis optrekken als zomerverblijf. Boven de deur hangt het wapenschild met de drie beukhamers en het jaartal 1742. Het gebouw dat de binnenkoer afsluit was waarschijnlijk dienstig als brouwerij. Ook daar is het wapenschild in blauwe hardsteen terug te vinden. De naam ‘Cam’ is afgeleid van ‘Cambe’, wat brouwerij betekent.
Aan de andere zijde liggen nog de gebouwen die dienst deden als paardenstallen. Hier vinden we het jaartal 1755 terug.                                                             
De oude Cam werd in 1992 opgekocht door het gemeentebestuur en doet tegenwoordig dienst als gemeenschapscentrum, het is hét trefpunt van hartje Gooik.  Het is de ideale stopplaats voor wandelaars, fietsers of dagtoeristen. In dit gebouwencomplex bevindt zich een gezellig landelijk volkscafé met oude volksspelen, een geuzestekerij, een volksinstrumentenmuseum, vergaderlokalen en de Cultuurschuur. Je kan er ook een dag op uittrekken met de huifkar. De sportievelingen onder ons kunnen er mountainbiken.


Je kan er ook terecht voor toeristische informatie op de dienst Vrije tijd van de gemeente Gooik.


GC De Cam
Dorpsstraat, 67 – 1755 Gooik
02/532 14 02
tom.vandenbossche@gooik.be


De Nieuwe Cam 

De nieuwe Cam (Dorpsstraat 32, Gooik) is één van de bekendste hoeven van Gooik-centrum die gelegen is tussen de kerk en de pastorij. Deze voormalige brouwerij dateert van 1711 en werd na de eerste wereldoorlog omgevormd tot boerderij. Het gebouw is een typisch gesloten hoeve met geplaveide binnenplaats.

Het werd in zijn oorspronkelijke staat behouden.  Het zichtbare gedeelte is een mooi boerenburgerhuis onder een kleien mansardedak.  Je treft er ook nog een bakhuis aan, een grote kelder en een zolder. 

Er zijn stallingen van baksteen en ook een grote schuur van baksteen, waarin zich vroeger het pakhuis van de brouwerij bevond.

De Nieuwe Cam is nu bewoond en niet te bezichtigen. 

 


De Drie Egypten 

Deze voormalige hoeveafspanning ligt sedert 1642 langs de Drie Egyptenbaan, de weg die Geraardsbergen en Ninove met Brussel verbindt. Vroeger was de “drij gypten” een rustplaats waar vermoeide reizigers lafenis konden vinden of waar bedevaarders een plaats vonden voor de nacht.

Het is waarschijnlijk aan de bedevaart naar de Woestijnkapel dat dit huis zijn welvaart en expansie te danken heeft gehad.  

Het hoofdgebouw is opgetrokken in Vlaamse Renaissancestijl en de mooie trapgevels verwijzen naar de periode van Breughel.

Dit kasteel is privé-eigendom en is niet te bezichtigen.


De Terhaegenmolen 

De watermolen Terhaegen (Terhaegenstraat 10, Gooik) was zowat de enige watermolen op grondgebied Gooik, aangezien Gooik zelf op de waterscheidingslijn tussen Dender en Zennebekken is gelegen en de beekjes zodoende niet al te waterrijk zijn.

Alhoewel de Terhaegenmolen reeds geruime tijd buiten gebruik is, en het binnenwerk met waterrad reeds lang werden gedemonteerd, zijn nog duidelijk de spaarvijver met sluiswerk waar te nemen.

De molen is gebouwd boven de Molenbeek die hier ook het water van de Haesenbroeckbeek ontvangt. Op de gevel van het molenaarshuis staat nog het jaartal 1732.

De molen is in privé – bezit en niet te bezichtigen.


Oude Plaats Oetingen 

 

De Oude Plaats is de voormalige middeleeuwse dorpskern van Oetingen. Hier zijn nog voldoende sporen overgebleven van de oude dorspkern. Er is de oude pastorie, een bakstenen gebouw met ingangspoort waar bovenop nog de titel ‘Ecole paroissiale’ is te lezen.

Op nummer negen was de kapelanie gevestigd.

Tegenover de kapelanie staat nog de oude lindeboom, de trefplaats voor de dorpelingen. Aan de andere zijde, de Lennikse straat, staat nog het pachthof Claes. 
In de schuurgevel staat nog de melding in zwarte baksteen : ‘P.J.C. 1837’. Tegenover de boerderij vinden we  het kapelletje van de H. Drievuldigheid met de vermelding ‘P.J. Claes – 187 L. De Dobbeleer’. De kapel kwam er na het verdwijnen van de parochiekerk, en wordt nog elk jaar als rustpunt gebruikt bij de jaarlijkse paardenprocessie ‘Kesterweg’ die doorgaat op Drievuldigheidszondag. 

Hier bevond zich ook de burcht waar de heren van Oetingen verblijf hielden tot 1749.

 


Oude tramstatie Leerbeek 

In de tweede helft van de negentiende eeuw werd Leerbeek het centrum voor de buurtspoorwegen Halle-Ninove, Edingen-Brussel. Het stationsgebouw op de Edingsesteenweg in Leerbeek uit 1906 is representatief voor de stations-architectuur van toen. Het complex bestaat uit het lokettenhuis en stalplaats voor de trams. 


Het gebruik van baksteen en het aanbrengen van speklagen in zwarte steen wijzen onmiskenbaar op de invloed van de art nouveau die rond de eeuwwisseling de burgerlijke bouwkunst beheerste. Mits enige aanpassing (nieuwe daken) zijn de gebouwen nog steeds nuttig als busstation. Dankzij de toenmalige N.M.V.B.Q  kreeg het Pajottenland verbindingen met Brussel en andere belangrijke centra. Brussel-Edingen was de tweede lijn die de hoofdstad met de provincie verbond. 


Op 22 september 1888 werd de eerste lijn geopend, toen nog met stoom. Op 14 april 1906 reed het stoomtrammetje tot Oetingen, en op 22 mei 1907 was de verbinding verzekerd tot Ninove. De boeren konden hun producten kwijt op de verschillende markten in de stad. 

 


Hof Ter Molleken 

In de vochtige beekvallei van de Bruggeplasbeek ligt het oud hof ter Molleken (Ter Mollekenstraat 8, Kester). Het is een bakstenen kwadraathoeve met arduinen lijstwerk. Boven de hoofdingang zit nog de sluitsteen die ons het jaartal 1368 opgeeft. De langschuur dateert uit 1869.

De voormalige eigenaars waren zoals op de meeste belangrijke grote hofsteden overtuigde Stevenisten.

Nu is de prachtige vierkantshoeve ingericht als paardenstoeterij, en kunnen bezoekers er van een drankje genieten.

Open woensdag, vrijdag vanaf 18u en zaterdag van 13u30 tot 19u.

info@hoftermolleken.be
054/56 85 53


De Woestijnkapel 

De Woestijnkapel (Woestijnstraat, Gooik) kwam er in de 13e eeuw, toen de honden van een schaapsherder bij het omwoelen van de grond een geel koperen kruisbeeld vonden. Het kruis, dat in circa 1280 moet zijn vervaardigd, werd al snel het onderwerp van verering. Zo komt de woestijnkapel ook aan zijn tweede naam : de kapel van het Heilig Kruis.  De naam ‘woestijn’ komt van ‘wastijn’, een onbebouwde woestenij, zoals deze streek er destijds uitzag. 


De woestijnkapel is gelegen op de voormalige bedevaartsroute van Compostella en genoot in de dertiende eeuw grote faam bij bedevaarders wegens de aflaat die paus Bonifatius VIII verleende aan iedereen die hier op bedevaart kwam. 
Reeds in 1514 werden hier wekelijks twee missen opgedragen, maar het was pas in 1600 dat de huidige kapel er kwam. Een eeuw later werd een eerste grondige verandering aangebracht. In 1758 werd het huidige gewelf aangebracht.

Bouwmaterialen zijn handgemaakte bakstenen en Lembeekse (groene) zandsteen. Binnenin staat een barok portiekaltaar uit 1635 met 2 Corinthische zuiltjes. Nog steeds wordt er elke zondag de Heilige Eucharistieviering verzorgd door de pastoor van de parochie Strijland-Gooik. De woestijnkapel is, samen met de onmiddellijke omgeving, sedert meer dan vijftig jaar geklasseerd.

Ze komt voor op enkele wandelroutes en is ook het vertrekpunt van een geotoeristische landschapswandeling. 

 


De Stevenistenkapel 

Pastoor Filippus Winnepennings was de centrale figuur van het extreme Stevenisme dat in het Pajottenland ontstond eind 18e eeuw, begin 19e eeuw. De Stevenisten waren volgelingen van Cornelius Stevens (1747-1828), vicaris-generaal in het bisdom Namen. Deze theoloog verzette zich hevig tegen de Franse godsdienstpolitiek waarbij de staat de controle verwierf over de kerk. 


Op de plaats waar de huidige kapel uit 1918 staat, stond een ouder bedeoord dat er was opgericht ter ere van pastoor Winnepennings. Hier stond de woning waar de pastoor zijn laatste levensdagen doorbracht en er overleed op 29 december 1840. 


De kapel is een eenvoudig neogotisch gebouw met ingebouwd portaal. Zes spitsboogramen verlichten het eenvoudige interieur waar talrijke heiligenbeelden staan opgesteld. 

 

Nog iedere week wordt  op zondag  om negen uur een gebedsdienst gehouden in deze kapel. De kapel bevindt zich in De Winnepenninckxstraat in Leerbeek.